Joost G. Mak - Rotterdam

 

 

Voor iemand die het nog niet wist: Charlois is een oude wijk in Rotterdam Zuid. Ik werkte hier in 1967 en 1968. Nog ver vóór de tijd dat deze wijk bevolkt ging worden door ‘massa’s’ allochtonen. Dat was bij Aannemingsmaatschappij Joost G. Mak B.V. en die zat in de Bijlstraat. De Bijlstraat was een doodlopende straat die rechtstreeks uitkwam op de Waalhaven, aan de zuidelijke kant. Mijn vorige werkgever was Ingenieursbureau A.A.M. Snellen uit Breda. Daar ging ik weg omdat er wat problemen waren ontstaan in verband met de jaarlijkse salarisverhoging. Zover ik nog kan herinneren was dat 1 procent opslag. Daar kun je bij wijze van spreken nog geen paar schoenveters voor kopen. Wat ik er ook aan probeerde, hij hield voet bij stuk bij die 1 procent en nam toen gelijk ontslag. Ik had al een keer vermeld, dat het de tijd was dat je zowat overal aan de slag kon. Ik kreeg van een oud-collega een tip dat ze bij Mak een tekenaar zochten en heb gelijk een afspraak gemaakt voor een sollicitatiegesprek. Dezelfde week kon ik nog beginnen. In die tijd liep er nog een tram vanuit het Centraal Station over de Maasbruggen, door de Oranjeboomstraat en dan als eindpunt: Charlois. U zult wel begrijpen dat ik niet in Zuid uitstapte, maar met de trein gewoon doorreed naar Centraal en daar dan de tram pakte. Die dagelijkse rit naar Charlois was steeds een heel fijne belevenis en dan ’s avonds op dezelfde wijze weer terug. De Bijlstraat was een klein stukje verwijderd van het eindpunt te Charlois. Dat was heel mooi daar bij Mak. De tekenkamer moest toen nog worden opgestart. Er was ook net een constructeur aangenomen en ik werd dan de tekenaar. Dus, een mooi koppel om te starten met een geheel nieuw bouwwerk. Het bleek de bouw te zijn van een bejaardencentrum, genaamd Reijeroord, ergens in een nieuwbouwwijk van Rotterdam-Oost. Ik kon toen heel fijn mijn ervaring en eigen tekenstijl hier op loslaten. Er was toch wel een nadeel aan die ruimte. Het was een grote houten hal, waaromheen aan de binnenzijde verhogingen waren gemaakt, waarbij dan ruimtes waren gecreëerd voor kantoorruimte. Het dak was slechts voorzien van doorzichtig plastic golfplaten. Als de zon scheen kon het wel 40 graden celsius worden daarbinnen.

 

Er zat aan de zijkant slechts één raampje, dus dat was veel te weinig voor een goede en gezonde ventilatie. Maar geen nood verder. De baas zorgde voor een aantal grote ventilatoren, waaronder ook een die je aan een dakbalk kon hangen. Zo viel het toch wel uit te houden. Kijk, als je werk je bevalt, dan zijn zulke dingen slechts een bijkomstigheid. Dat ging in het begin best wel goed daar en mijn werk werd ook gewaardeerd. Doch, er kwam op den duur veel werk bij. Er moesten tekenaars bijkomen. De heer Mak had een goede zakenrelatie en die had een belangrijke positie ergens bij de Gemeente Rotterdam. Je houdt het niet voor mogelijk, maar die heette Mik met zijn achternaam. Woordspelingen waren er later bij de vleet, zult u wel begrijpen. De heer Mik had 3 zoons, die op de een of andere manier maar slecht aan de ‘bak’ konden komen. Zij werden alle drie bij ons op de tekenkamer ‘gedeponeerd.’ Eentje kwam er voor om lichtdrukken te maken en meer van dat soort zaken en de andere twee zaten beide op de MTS en waren met hun praktijkjaar bezig. Maar eerlijk gezegd, het waren best wel aardige knullen. Doch, door werknemers op andere afdelingen werden ze toch meer benoemd alszijnde een ‘relatiegeschenk.’ Het werd steeds drukker en drukker. De een na de ander kwam er toen bij. Totdat er toch al wel zo’n 10 tekenaars waren en ook nog 2 constructeurs. Ook op andere afdelingen, die ook gecreëerd waren in die hal, zoals het bedrijfsbureau, werd het steeds drukker. Mak was ook bekend om zijn bouw van diverse metrostations in Rotterdam, waar ze op dat moment ook flink mee bezig waren. Maar ook hier ontstonden er toch weer wat problemen. Het werd op een gegeven moment voor een ieder verplicht deel te nemen aan een soort van pensioenfonds, waar dus premie voor moest worden afgedragen. Je moest daar salaris voor inleveren. Nou, ik had wel behoefte aan meer inkomsten, maar zeker niet aan minder en hield het daar dan toch ook weer snel voor gezien. Werk zat! Mijn volgende werkgever werd toen Procon Nederland, waar ik al een verhaal over heb geschreven. Mijn collega’s uit die tijd op een rijtje: Bruiniks (constructeur en chef) uit Dordrecht, hij woonde in de Bankastraat. Dan Rob van Ham, die woonde daar in de buurt. Ik denk dat zijn ouders best wel vermogend waren, want hij reed rond in een dure Triumph. Henk Mol uit Standdaarbuiten, helaas is Henk enkele jaren geleden overleden. Dan uiteraard de drie broertjes Mik en ook nog Rob Henstra, die ik jaren later nog diverse keren als collega ben tegengekomen. Namen van nog enkele andere collega’s kan ik niet meer opkomen. Aannemingsmaatschappij Joost G. Mak B.V. is al jaren geleden opgehouden te bestaan.

 

 

Kees Wittenbols.

 

Mei 2007

 

 

 

Ga naar: Procon Nederland - termijn 1 - Rotterdam

 

 

Ga terug naar de index

 

 

 

stats count